Over de auteurs

 

Jacques Bos

Jacques Bos studeerde geschiedenis, politieke wetenschappen en wijsbegeerte aan de Universiteit Leiden. Hij promoveerde in 2003 aan dezelfde universiteit op een onderzoek naar het begrip ‘karakter’ in de zeventiende en achttiende eeuw. Momenteel is hij werkzaam als universitair docent wetenschapsfilo­sofie bij het departement Wijsbegeerte van de Universiteit van Amsterdam. Hij publiceert op het terrein van de geschiedenis van het zelf en van de mens­wetenschappen, de historiografie en de filosofie van de geschiedenis.

 

Huub Dijstelbloem

Huub Dijstelbloem is verbonden aan de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (wrr) en aan de leerstoelgroep Wetenschapsfilosofie van de Universiteit van Amsterdam (uva). Eerder was hij programmacoördinator bij het Rathenau Instituut. Hij publiceert veelvuldig over kwesties op het snij­vlak van wetenschap en politiek. Hij studeerde wijsbegeerte en wetenschaps­dynamica in Amsterdam en Parijs en promoveerde aan de uva op een proef­schrift over het politieke pragmatisme van Dewey en Latour, toegepast op aids, bse en milieuproblemen. Zijn meest recente boeken en bundels onder co­redactie zijn Onzekerheid troef. Het betwiste gezag van de wetenschap (red. 2011), Migration and the New Technological Borders of Europe (red. 2011), Het gezicht van de publieke zaak (red. 2010), De Migratiemachine (red. 2009) en Po- litiek vernieuwen. Op zoek naar publiek in de technologische samenleving (2008). Momenteel werkt hij bij de wrr aan een project over ‘voedsel’.

 

Guus Dix

Guus Dix studeerde filosofie en sociologie aan de Universiteit van Amster­dam. Als docent­promovendus aan de afdeling Wijsbegeerte van de uva ver­ zorgt hij momenteel onderwijs in de wetenschapsfilosofie. Daarnaast schrijft hij een proefschrift over het ontstaan van de ‘prikkel’ of ‘incentive’ als object van economische wetenschap en als onderdeel van een techniek om het han­delen van individuen te sturen.

 

Wim van de Donk

Prof. dr. W.B.H.J. (Wim) van de Donk is opgeleid als politicoloog en bestuurs­kundige aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. In 1997 promoveerde hij (cum laude) aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Tilburg op het proefschrift De Arena in Schema. Een verkenning van de betekenis van informatisering voor beleid en politiek inzake de verdeling van middelen onder verzorgingshuizen, waarvoor hij in 1998 de G.A. van Poeljejaarprijs ontving. Hij was onder meer lid van de Raad voor het openbaar bestuur, en lid, later voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Thans is hij Commissaris van de Koningin in de provincie Noord­Brabant en als hoogleraar bestuurskunde verbonden aan de Universiteit van Tilburg.

 

Maarten Doorman

Maarten Doorman is filosoof en schrijver. Hij doceert cultuurfilosofie aan de Universiteit Maastricht en is bijzonder hoogleraar Kritiek van kunst en cul­tuur aan de Universiteit van Amsterdam en medewerker van de Volkskrant. Zijn laatste boeken zijn zijn Art in Progress. A Philosophical Response to the End of the Avant-Garde (2003), De romantische orde (2004), Kiekertak en Klotterbooke. Gedachten over de canon (oratie, 2005), Paralipomena. Opstellen over kunst, filosofie en literatuur (2007), Denkers in de grond (2010) en Rousseau en ik. Over de erfzonde van de authenticiteit. (2012).

 

Rob Hagendijk

Rob Hagendijk is wetenschaps­ en techniekonderzoeker en politicoloog. Hij werkt aan de Universiteit van Amsterdam en houdt zich onder meer bezig met publieke controverses rond wetenschap, accountability en Nederlands en Europees innovatiebeleid in tijden van globalisering. Recent publiceerde hij samen met Huub Dijstelbloem de bundel Onzekerheid troef; Het betwiste gezag van de wetenschap (2011)

 

David Hamers

David Hamers is als senior onderzoeker Stedelijk Gebied verbonden aan het Planbureau voor de Leefomgeving in Den Haag. Daarnaast is hij lector Stad en Land bij de afdeling Man and Public Space van Design Academy Eind­hoven. Hamers is oorspronkelijk opgeleid als cultuurwetenschapper en eco­noom en promoveerde in 2003 bij de vakgroep Wijsbegeerte van de Faculteit der Cultuur­ en Maatschappijwetenschappen van de Universiteit Maastricht op een onderzoek naar de representatie van Amerikaanse buitenwijken. Sindsdien is hij werkzaam als ruimtelijk onderzoeker op het gebied van ver­ stedelijking. Hij publiceert voornamelijk over de ontwikkeling, het ontwerp en het gebruik van de ruimte in en rondom de stad. Van hem verschenen onder meer Planobjectivering (2013), De staat van de ruimte ((red.) 2010), Reading the American Landscape ((red.) 2009), Verstedelijking in de stadsrandzone (2009), Afgeschermde woondomeinen in Nederland (2007), Niemandsland (2006), De nieuwe stad (2006), Bloeiende bermen (2006), Tussenland (2004) en Tijd voor suburbia (2003).

 

Hans Harbers

Hans Harbers is afgestudeerd als socioloog en gepromoveerd in de soci­ale wetenschappen. Sinds 1988 is hij verbonden aan de Faculteit Wijsbe­geerte, Rijksuniversiteit Groningen met als specialisatie de Filosofie van Wetenschap, Technologie en Samenleving. De relatie tussen wetenschap en samenleving, onderzoek en beleid, theorie en praktijk loopt als een rode draad door zijn wetenschappelijke werk – van zijn proefschrift over de ver­ houding tussen wetenschap en politiek inzake ongelijke onderwijskansen tot en met recent onderzoek naar de invloed van dna­technieken op onze perceptie van en omgang met tijd. Ook als moderator van het Groninger politiek en cultureel debatcentrum dwarsdiep en als freelance voorzitter/ discussieleider begeeft hij zich op het grensvlak van wetenschap en politiek.

 

Klasien Horstman

Klasien Horstman studeerde wijsgerige en historische sociologie aan de Rijks Universiteit Groningen. Ze promoveerde in 1996 aan de Universiteit Maas­tricht op een studie Verzekerd Leven. Artsen en levensverzekeringsmaatschappijen 1880-1920., een studie over het de opkomst van een risico georiënteerde stijl in de gezondheidszorg. Sindsdien doet ze onderzoek naar preventieve technieken als een fenomeen op het snijpunt van wetenschap en maatschap­pij. Van 2001­2009 was ze Socrates hoogleraar Filosofie en Ethiek van Bioengineering aan de Technische Universiteit Eindhoven: haar oratie was geti­teld Nooit meer ziek. Sinds 2009 is ze als hoogleraar Filosofie van de Publieke Gezondheidszorg verbonden aan de Universiteit Maastricht. In haar oratie Dikke kinderen, uitgebluste werknemers en vreemde virussen. Filosofie van de publieke gezondheidszorg in de 21e eeuw gaat ze in op het schijnbaar para­doxale fenomeen dat de publieke gezondheidszorg, die van oudsher een sterk maatschappelijk engagement heeft, het in een democratische maatschappij steeds moeilijker heeft om dat engagement vorm te geven.

 

Joks Janssen

Prof.dr.ir. J. (Joks) Janssen is opgeleid als stedenbouwkundige aan de Tech­nische Universiteit Eindhoven. In 2005 promoveerde hij (cum laude) aan de faculteit Sociale Wetenschappen van de Universiteit van Tilburg op het proef­schrift Vooruit denken en verwijlen. De (re)constructie van het plattelandschap in Zuidoost-Brabant, 1920-2000. Hij was onder meer werkzaam als post­doctoraal onderzoeker bij Telos (Centrum voor Duurzaamheidsvraagstukken) en het Ruimtelijk Planbureau. Thans is hij hoofd van de stafafdeling Kennis en Onderzoek van de provincie Noord­Brabant en als bijzonder hoogleraar Ruim­telijke Planning en Cultuurhistorie verbonden aan Wageningen University.

 

Pim Klaassen

Pim Klaassen studeerde Wijsbegeerte aan de Universiteit van Amsterdam en Geschiedenis, filosofie en sociologie van de wetenschap aan de Univer­siteit van Cambridge. Momenteel is hij aan de UvA werkzaam als docent­promovendus in de wetenschapsfilosofie. Hij bereidt een proefschrift voor over grensoverschrijdingen in en door de neurowetenschap, met bijzondere aandacht voor de manier waarop neuro­economen ‘vertrouwen’ vormgeven. Mede in het licht van dit project heeft (de geschiedenis van) de economie zijn interesse. Zijn belangstelling reikt echter veel wijder dan neurowetenschap en economie alleen; meer in het algemeen houdt hij zich bezig met kwesties op het grensvlak van wetenschap, technologie en samenleving. Dit bracht hem voor hij zich op zijn proefschrift stortte bij het Rathenau Instituut, waar hij werkte als onderzoeker en projectmedewerker Technology Assessment.

 

Bruno Latour

Bruno Latour is hoogleraar wijsbegeerte en politieke wetenschappen aan Sciences Po Parijs. Hij was van 1982 tot 2006 verbonden aan de École des Mines in Parijs. In die periode legde hij de basis voor het hedendaagse wetenschaps­ en technologieonderzoek en schreef hij invloedrijke studies als Wij zijn nooit modern geweest (1991). Hij is de grondlegger van de actor­netwerk theorie, en actualiseerde die onlangs in Reassembling the Social (2005). Voor het ZKM in Karlsruhe was hij samen met Peter Weibel de curator va­ n twee tentoonstellingen: Iconoclash en Making Things Public, waarvan de catalogi verschenen bij MIT­Press. Met Valerie Pihet legde hi j de basis voor een nieuw experimen­teel programma over kunst en politiek (SPEAP). Zijn meest recente publicatie is Enquête sur les modes d’existence (2012), een vergelijkende antropologie van de moderniteit. Bruno Latour kreeg vele prijzen, eredoctoraten en prestigi­euze onderzoeksbeurzen. In 2005 bezette hij de Spinoza leerstoel aan de Uni­versiteit van Amsterdam. In 2006 publiceerde hij met Emilie Herman een fotografisch essay waarin hij de sociale theorie van de stad onderzoekt (Paris ville invisible). In 2010 kreeg hij de European Research Council Senior Grant voor zijn onderzoek naar Modes of Existence, een driejarig project dat moet leiden tot een digitaal platform voor samenwerking en onderzoek.

 

Michiel Leezenberg

Michiel Leezenberg is verbonden aan de afdeling Wijsbegeerte en aan het M.A. programma Islam in de moderne wereld van de Universiteit van Amsterdam. Zijn huidige onderzoek betreft vooral de filosofie en geschiede­nis van de geesteswetenschappen. Specifiek houdt hij zich bezig met de vor­ming van nieuwe nationale talen in het Ottomaanse rijk en de status en rol van de rol van de oriëntalistiek in het Russische rijk en de vroege Sovjetunie. Hij publiceerde onder meer Contexts of Metaphor (2001) en De vloek van Oedipus: Taal, democratie en geweld in de Griekse tragedie (2006). Met Hans van Rappard redigeerde hij de bundel Wereldfilosofie: Wijsgerig denken in verschillende culturen (2010). Samen met Gerard de Vries schreef hij Wetenschaps- filosofie voor geesteswetenschappen (2001, herziene editie 2011), dat inmiddels aan meerdere geesteswetenschappelijke faculteiten in Nederland als hand­boek wordt gebruikt.

 

Noortje Marres

Noortje Marres is als senior lecturer verbonden aan de Afdeling Socio­logie, Goldsmiths, Universiteit van Londen, en directeur van het onder­zoekscentrum CSISP, Centre for the Study of Invention and Social Process. Zij studeerde sociologie en filosofie van wetenschap en technologie aan de Universiteit van Amsterdam, en promoveerde aan diezelfde universiteit op een proefschrift over (neo­)pragmatistische concepten van democratie in de technologische samenleving. Recentelijk publiceerde zij Material Participation: Technology, the Environment and Everyday Publics (2012) en binnen­kort verschijnt Scraping the Social? Issues in Live Research (met Esther Welte­vrede, Journal of Cultural Economy).

 

Annemiek Nelis

Annemiek Nelis studeerde gezondheidswetenschappen in Maastricht en promoveerde als technieksocioloog aan de Universiteit Twente op een proef­schrift over de opkomst van dna­technologie en genetica. Sinds 2010 is zij onderzoeksmanager bij de Onderzoeksraad voor Veiligheid (ovv) in Den Haag. De Onderzoeksraad voor Veiligheid doet onderzoek naar voorvallen en incidenten op diverse terreinen, waaronder de gezondheidszorg. Voordat Annemiek de wetenschap voor Den Haag verruilde was zij Algemeen Direc­teur van het Centre for Society and Genomics in Nijmegen.

 

Piet de Rooij

Piet de Rooij studeerde geschiedenis in Utrecht en Amsterdam. Hij promo­veerde in 1979 op het proefschrift Werklozenzorg en werkloosheidsbestrijding 1917-1940. Van 1985 tot 2009 was hij werkzaam als hoogleraar Nederlandse ge­schiedenis aan de uva. Hij publiceerde op het terrein van de geschiedenis van opvoeding en onderwijs, alsook op het terrein van de cultuurgeschiedenis (met name de ontwikkeling van de evolutietheorie en het racisme). Daarna ging zijn belangstelling vooral uit naar de politieke cultuur, waarover hij in 2002 Republiek van rivaliteiten: Nederland sinds 1813 publiceerde. Daarnaast schreef hij een aantal bijdragen over de geschiedenis van het socialisme en het conservatisme, het verleden van Amsterdam en de geschiedenis van de politie. Naast een groot aantal bestuurlijke werkzaamheden aan de uva was hij voor­zitter van de Commissie Historische en Maatschappelijke Vorming (2001) die structuur en didactiek van het geschiedenisonderwijs heeft verbeterd.

 

Pauline Terreehorst

Pauline Terreehorst is opgeleid als neerlandicus aan de Universiteit van Amsterdam en werd daarna filmtheoreticus. Ze doceerde filmtheorie aan de Katholieke Universiteit Nijmegen (nu Radboud Universiteit). Ze werkte daarnaast twintig jaar als kunstcriticus, modejournalist en columnist voor dagblad de Volkskrant. Ze publiceerde een tiental boeken over fotografie, nieuwe media, mode en de invloed van ict op het maatschappelijk leven (Het Boerderijmodel, 1994; Langzame stad, snelle mensen, 1997). Als adviseur van o.a. bouwbedrijven en woningcorporaties schreef ze toekomstscenario’s voor voorzieningen in woon­ werkgebieden, o.a. voor de Amsterdamse Zuidas. Ze was directeur van het Amsterdam Fashion Instituut (Hogeschool van Amsterdam) en directeur van het Centraal Museum Utrecht. Daar initieer­de ze o.a. een tentoonstelling over de ontdekking van het dna, het begrip informatie, en de invloed daarvan op de beeldende kunsten. (Genesis, 2007). Momenteel is ze directeur van Plaza Futura, een filmtheater en debatcentrum dat gevestigd wordt in het voormalige Philips Natlab in Eindhoven.

 

Pieter Winsemius

Pieter Winsemius is Bijzonder hoogleraar Management van Duurzame Ont­ wikkeling aan de Universiteit van Tilburg en bekleedt verschillende maatschap­pelijke functies. Hij studeerde natuurkunde aan de Rijksuniversiteit Leiden en promoveerde in 1973 op het proefschrift Elektronenstructuur van metalen. Na het behalen van een mba­diploma aan de Stanford University was hij werk­zaam bij McKinsey & Company, waar hij in 1980 werd gekozen tot firmant. In 1982 werd hij minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu­beheer in het kabinet Lubbers I. Van 1986 tot 2002 keerde hij terug bij McKinsey in Amsterdam, waar hij zich speciaal toelegde op de strategische en organisato­rische ontwikkeling in grote organisaties. Van begin 2003 tot eind 2012 was hij lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Van sep­tember 2006 tot april 2007 was hij minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu. Als raadslid heeft hij in 2005 het WRRrapport Vertrouwen in de buurt helpen opstellen. In 2009 was hij als verantwoordelijk voor het rap­port Vertrouwen in de school over de voortijdige schooluitval van overbelaste jongeren. In 2012 verzorgde hij het rapport Vertrouwen in de burger.